Elk land mocht per onderdeel maximaal twee schutters inschrijven, behalve bij de vrouwen skeet en trap waar maximaal één plaats per land beschikbaar was. Tijdens diverse toernooien konden schutters startbewijzen voor hun land verdienen. Dat land bepaalde vervolgens welke schutter welk startbewijs mocht invullen. Deze schutter moest wel een minimumniveau hebben voor het betreffende onderdeel. Maximaal 390 schutters konden meedoen.
Er waren vijftien onderdelen tijdens deze Spelen, 9 voor mannen en 6 voor vrouwen. In de tabel staan de onderdelen en de datum waarop de finale van het evenement werd gehouden.