Pyrrhotiet
| Pyrrhotiet | ||||
|---|---|---|---|---|
| ||||
| Mineraal | ||||
| Chemische formule | Fe2+(1-x)S (waarbij 0<x<0,17) | |||
| Kleur | Bronskleurig tot donkerbruin | |||
| Streepkleur | Grijszwart | |||
| Hardheid | 3,5 tot 4,5 | |||
| Gemiddelde dichtheid | 4,58 tot 4,65 kg/dm3 | |||
| Glans | Metallisch | |||
| Opaciteit | Opaak | |||
| Splijting | [0001] en [1120] Imperfect | |||
| Kristaloptiek | ||||
| Kristalstelsel | Monoklien | |||
| Overige eigenschappen | ||||
| Magnetisme | Sterk natuurlijk magnetisch | |||
| Lijst van mineralen | ||||
| ||||
Het mineraal pyrrhotiet of pyrrhotien is een ijzer-sulfide met de chemische formule Fe2+(1-x)S (waarbij 0<x<0,17). Het mineraal dankt zijn naam aan August Breithaupt, die het in 1835 beschreef en vernoemde naar het Oudgriekse woord purrhotēs (πυρρότης), 'roodheid'.[1]
Eigenschappen
Het opaak bronskleurige tot donkerbruine pyrrhotiet heeft een metallische glans, een grijszwarte streepkleur en het mineraal kent een imperfecte splijting volgens de kristalvlakken [0001] en [1120]. Het kristalstelsel is monoklien. Pyrrhotiet heeft een gemiddelde dichtheid van 4,61, de hardheid is 3,5 tot 4 en het mineraal is niet radioactief. Pyrrhotiet is wel sterk natuurlijk magnetisch.
Voorkomen
Pyrrhotiet is een mineraal dat zeer algemeen voorkomt in diepte- en metamorfe gesteenten. De typelocaties zijn Sudbury, Ontario, Canada en Santa Eulalia, Chihuahua, Mexico. Het mineraal wordt verder gevonden in de Nikolaevskiy mijn, Dal'negors, Primorskiy Kray, Rusland.
Zie ook
- ↑ Chester, A.H. (1896). A dictionary of the names of minerals, including their history and etymology. New York: John Wiley & Sons. London: Chapman & Hall, Limited.
